Oppervlaktewater

Het oppervlaktewater in het LHM is (anno 2017) geschematiseerd in het Distributiemodel (landelijk waterverdelingsnetwerk) en MOZART (regionaal oppervlaktewater). Daarnaast wordt het oppervlaktewatersysteem als randvoorwaarde opgelegd aan de modellering van het grond. In 2018 wordt een nieuwe versie van het LHM verwacht waarbij het oppervlaktewater is gemodelleerd in RTC-tools (zie beschrijvingen onder software).

Het oppervlaktewater is nu niet alleen geschematiseerd in LHM, maar ook in het Landelijk Sobek Model (LSM), waarvoor een koppeling beschikbaar is met LHM (zie download LSM). Het oppervlaktewater in LHM wordt berekend met tijdstappen van decaden (er is een mogelijkheid tot berekening op dagbasis), de berekening met LHM worden uitgevoerd met kleinere tijdstappen (10 minuten), de uitvoer is standaard beschikbaar op dagbasis.

Voor de interactie grondwater -oppervlaktewater is in LHM gekozen voor een benadering met freatische lekweerstanden. De basis voor deze benadering is uitgebreid beschreven in de achtergrondsrapportage over lekweerstanden bij LHM 1.  In de daarop volgende versies zijn de weerstanden regelmatig gewijzigd (zie de veranderingsrapportages voor LHM 2.0, 2.1 en 2.2). Sinds LHM 3.0 zijn de waterlopen geklassificeerd in 3 systemen (primair, secundair en tertiair) en zijn de lekweerstanden voor 3 systemen afgeleid (zie veranderingsrapportage LHM 3.0) en in beperkte mate geoptimaliseerd.

De peilen voor het regionale oppervlaktewatersysteem zijn afkomstig van regionale waterbeheerders. De laatste grote update van peilbestanden is doorgevoerd in 2012 (LHM 3.0), waarbij veel gebruik is gemaakt van peilgegevens die zijn toegepast in regionale modellen. Met name voor Noord-, Oost en Zuid Nederland zijn nieuwe peilgegevens gebruikt uit de grondwatermodeldatabank (GMDB). Zie de veranderingsrapportage LHM 3.0. In LHM 3.3 zijn voor het Pleistocene deel van Nederland de peilen van het secundaire en tertiaire systeem geactualiseerd op basis van van AHN afgeleide data (zie veranderingsrapportage LHM 3.3.0).

In MOZART wordt momenteel gebruik gemaakt van een schematisatie in ruim 8500 stroomgebiedjes (LSW's) en 252 districten. De basis is beschreven in de rapportage van het regionaal oppervlaktewater uit 2008. Sindsdien is in LHM de indeling in LSW's en de bijbehorende schematisatie voor diverse regio's aangepast, mede op basis van een toetsing door STOWA bij regionale waterbeheerders en voorbereidingen voor het Deltamodel (zie de veranderingsrapportage LHM 2.2 en LHM 3.0). In LHM 2.1 en LHM 3.0 is de ruimtelijke indeling voor peilbeheerst gebied aangepast. Met name voor LHM 3.0 zijn bovendien diverse kenmerken van de stroomgebieden aangepast, bijvoorbeeld de prioriteiten die worden gehanteerd voor de verdringingsreeks en de watervraag voor doorspoeling, zie de veranderingsrapportage LHM 3.0. In LHM 3.02 is de routing tussen LSW's hersteld, mede hiervoor is de LSW indeling op onderdelen aangepast (zie veranderingsrapportage LHM 3.02).

De basis voor het waterverdelingsnetwerk is beschreven in de rapportage landelijk oppervlaktewater (2008). Voor het Distributiemodel zijn in 2009 de schematisaties in NHI vastgelegd per region. Sindsdien is bijna elke modelversies (LHM 2.0, 2.1, 2.2, 3.0, 3.01 en 3.02) de schematisatie verbeterd, bijvoorbeeld verdeelsleutels, gewenste onttrekkingen en ruimtelijke indeling in districten. Voor een volledig overzicht is het vooralsnog nodig de diverse veranderingsrapportages bij de releases er op na te slaan. Naar verwachting zal binnen afzienbare tijd een update van de beschrijvingen plaats vinden.

In 2012 is een Landelijk Sobek Model ontwikkeld, in het kader van het Deltamodel / NHI. Het Sobek model is opgebouwd uit regionale modellen van Rijkswaterstaat en waterschappen en wordt gevoed door laterale debieten uit NHI.

Sinds juli 2016 wordt gewerkt aan de vervanging van MOZART en DM door RTC-tools. Dit leidt naar verwachting in het voorjaar van 2018 tot een nieuwe versie van LHM.

Download