Module oppervlaktewater

In het programma van wensen van het NHI is de ambitie uitgesproken dat het NHI een toolbox wordt waarmee op elk gewenst schaalniveau modellen gemaakt kunnen worden. Om dit mogelijk te maken moeten data en tools op een eenduidige en flexibele manier worden ontsloten. Bij modellering van grond- en oppervlaktewatersystemen zijn onder andere gegevens van het oppervlaktewaterstelsel nodig. Met de NHI module oppervlaktewater worden de benodigde gegevens van het oppervlaktewatersysteem op een eenduidige en reproduceerbare manier beschikbaar gemaakt voor het toepassen van verschillende modelconcepten.
In het voorjaar van 2016 is de eerste stap gerealiseerd: het definiëren van het datamodel van, en het opzetten van een workflow naar de hydrologische database voor oppervlaktewater. De in het waterbeheer gehanteerde gegevensstandaard DAMO is als basis gehanteerd voor de definitie van het datamodel. Het datamodel is aangevuld met onderdelen die relevant zijn voor modellering van oppervlaktewater, zoals weerstandsparameters en sturingsinformatie.NHI_fig1.png

De workflow is in figuur 1 weergegeven. Voor de NHI module oppervlaktewater wordt gebruik
gemaakt van open datastandaarden. Het datamodel is vertaald in een PostgreSQL database. Om
gegevens van bronhouders, waterschappen en Rijkswaterstaat, in de hydrologische database te
krijgen wordt GML als uitwisselformaat gebruikt. Ter controle van de data worden XSD-stylesheets
gebruikt. De conversie van brongegevens naar het uitwisselformaat en van de PostgreSQL database
naar model invoerbestanden kan door middel van ETL-tools (Extract, Transform en Load) gebeuren.
FME en GeoKettle zijn voorbeelden van dergelijke ETL-tools.

Wat is er gerealiseerd?

  • Definitie van een datamodel t.b.v. hydrologische modellering. De werkversie uit 2016 is hier beschikbaar! In het najaar van 2017 wordt een nieuwe versie verwacht.
  • Definitie van een standaard hydrologische database voor oppervlaktewaterstelsels.
  • Een standaard uitwisselformaat voor het vullen van de hydrologische database.
  • Geautomatiseerde conversie van het standaard uitwisselformaat naar de hydrologische database.
  • Geautomatiseerde conversie van data van 1 waterschap naar de standaard hydrologische database.

Welke mogelijkheden biedt dit?

  • Modelgeneratoren voor het bouwen van hydraulische modellen en het topsysteem voor grondwatermodellen kunnen worden afgestemd op één standaard hydrologische database.
  • Alle waterschappen en Rijkswaterstaat kunnen gebruik maken van dezelfde modelgeneratoren als ze de standaard hydrologische database vullen met hun oppervlaktewatergegevens.
  • Oppervlaktewatergegevens ten behoeve van modellering kunnen eenvoudiger worden geactualiseerd, omdat er een gestructureerde workflow met eenduidige definities is.
  • Oppervlaktewatergegevens worden uitwisselbaar via (inter)nationale standaarden.
  • De kwaliteit van de oppervlaktewatergegevens kan landsdekkend inzichtelijk worden gemaakt.
  • Oppervlaktewatergegevens krijgen uiteindelijk een uniforme kwaliteit.
  • Het ontsluiten van een tijdlijn van databases, van historische databases (bijv. van voor herinrichting beek) tot databases voor toekomstige zichtjaren (bijv. op basis van toekomstscenario’s).
  • De basis voor een nationaal uitwisselmodel (UM Aquo) voor hydrologische gegevens.

Wat gaat er nog gebeuren? (werkzaamheden najaar 2017)

  • Voor  een voorbeeldgebied wordt de hydrologische database verder gevuld en waar nodig wordt het datamodel verder aangescherpt..
  • Modelgeneratoren worden afgestemd op de hydrologische database, zodat een oppervlaktewatermodel kan worden afgeleid van de data, en een module voor het groundwater kan worden gerealiseerd..
  • Advies over verdure vulling van de database vanaf eind 2017.

Voor partijen die zelf aan de slag willen met de database zijn hier een gebruikershandleiding en enkele bestanden te downloaden (versie 2016).