Schematisatie en concepten
Een SOBEK model kan bestaan uit een 1D netwerk van watergangen en leidingen (“segmenten”) die met elkaar zijn verbonden via knooppunten (“nodes”). Daarnaast kan een SOBEK model ook de fysieke processen van tweedimensionale stroming over maaiveld simuleren. Iedere watergang of leiding heeft bepaalde dimensies en weerstanden die bepalen hoeveel en hoe snel water kan stromen. Verder kunnen in de watergangen allerlei kustwerken (“structures”) worden opgenomen zoals bijvoorbeeld stuwen, duikers en bruggen. Ook kunnen aan de watergangen verschillende oppervlaktes worden gekoppeld die afvoer aan het waternetwerk toevoegen. Denk hierbij aan landelijk of stedelijk gebied, straten en daken. Er zijn verschillende manieren waarop deze oppervlaktes kunnen worden toegevoegd: als knooppunten die bestaan bij neerslag-afvoermodellen, als laterale debieten, of als een 2D grid. Uiteindelijk bepaalt het netwerk aan watergangen, knooppunten, kunstwerken en gekoppelde oppervlaktes hoe water door een systeem stroomt. Hiermee kunnen knelpunten worden geïdentificeerd, bijvoorbeeld waar en wanneer water na een intense bui buiten zijn oevers treedt.